Autorijden en more

Teksten

  • Carry me
    You say, I’m right behind you But in hard times I only see One pair of footsteps that are mine Where are yours, my holy lord People around me, teach me to love him If you want to breath his love These steps, o let me tell you Where mine because I carried you All along the way your road Getting you home to who you loved People around me, teach me to love him If you want to, breath his love Listen to my song, when you’re down and out Bless the lord with me in this song for him
web-log.nl, powered by TypePad

Elke week worden 300 mensen buiten het ziekenhuis getroffen door een hartstilstand. Slechts 5 tot 10 % overleeft dit. Dit overkwam mij op 8 mei 2008. Dit web-log gaat over de tijd erna. Het beschrijft mijn ervaringen, gevoelens, confrontaties etc. zoals ik die ervaar. Niemand kon vermoeden hoe moeilijk deze tijd is, hoe lang het duurt voor ik mijn leven weer normaal kan leven. En wat is dan normaal? Niet blijven verlangen naar mijn oude leven, mijn oude ik, maar verder gaan met de nieuwe situatie. Thuis het ritme oppakken, mijn hobby's staan nog op een laag pitje. Sociale contacten ook. Inmiddels ben ik weer gedeeltelijk aan het werk. Een nieuwe functie na de reorganisatie. Hoe vind je je plek weer in het leven, op het werk.

Drukke werkweek!

laHet was druk op het werk deze week. Heel druk.

2 collega’s met zwangerschapsverlof. 2 collega’s op vakantie. 1 collega een week ziek ivm een kleine operatie. 1 collega half time aan het werk, na ziekte. En ik, ik ben deze week 28 uur gaan werken. Minimale bezetting dus. De balie is meestal niet bemand, daardoor komen alle docenten en studenten op de kamer hun ding vragen. Ik zit alleen deze week, en geen vaste telefoon. Het is eenzaam, maar rustig.

En het werk stapelt zich op. In februari 1 middelmatige en 1 kleine diplomering. 1 maart nog 2. En dat is dan alleen al bij het cluster Zorg. Een nieuw studentenbestand, waar het getuigschriften bestand niet aan gelinkt is zorgt voor problemen. Onze vertrouwde filemaker specialist is de laatste weken bezig geweest met het opbouwen van de getuigschriften in het nieuwe studentenbestand. Bijna klaar is het, de samenwerking verliep als vanouds. Waar hij niet aan denkt denk ik aan, en andersom. Na de zomer gaat hij met de vut, we gaan hem heel erg missen. Zo’n flexibele, meedenkende specialist. Die komt werken in zijn trui als hij vrij is. Hopen maar dat de nieuwe medewerkers ook zo bevlogen zijn met het wel en wee van de school.

Het diplomapapier is bijna op, morgen druk ik even een pak achterover. Het cijferlijsten papier is al weken op, het verkeerde kwam binnen. Die printen we dan maar op hogeschool papier. Zo vinden we altijd wel een oplossing voor alles. De ene cijferlijst rolt uit Osiris, de andere uit het oude voortgangssysteem, Progress. En zoals altijd bij de opleiding fysiotherapie: je drukt op de knop na het invoeren van de laatste cijfers, en plop: alle 29 geslaagd. Voorbeeld voor alle opleidingen.

Verder is er nog veel te doen qua inschrijven voor toetsen. Aangezien de projectgroep op stel en sprong vertrok, heb ik ff snel de opleiding KT en HBOV overgedragen gekregen. Geen goed inzicht in wat er wel en niet is ingeschreven. Ik heb er na vier weken eindelijk een beetje zicht op, maar er moet nog veel gedaan worden. Ik laat me niet opjagen, ze wachten maar even met invoeren.

De week vloog om. Ook nog gesport, wat niet zo lekker ging. De man met de hamer kwam na 15 minuten fietsen heel hard voorbij. Zwemmen ging wel weer lekker woensdag. Behoorlijk afgedraaid was ik wel, aan het einde van de week. Elke avond dikke benen en ook de hele week vage pijn in mijn borstkas. De fysio heeft mijn borstwervels weer op de juiste plaats gezet. Wie weet gaat dat schelen deze week, anders wordt het een telefoontje naar de huisarts met de vraag: Is dat normaal? (tip van Hanneke)

Morgen start weer een werkweek. Ik neem me voor me niet onder druk te laten zetten, dingen goed te plannen en niet alles naar me toe te trekken. Einde van de week horen jullie wel of dat gelukt is.

De bus

Bordje_bushalte Het openbaar vervoer.

Dat is niet mijn favoriete vervoermiddel. Nooit geweest. Hoewel, voor de hartstilstand draaide ik mijn hand niet om voor een rit met trein of bus. Opgegroeid in een gezin waar pas in mijn tienertijd een auto werd aangeschaft, waren wij gewend aan fietsen, lopen, de tram op tijd halen. Met de trein naar tantes en ooms die verder weg woonden. Voor de lol je vader lopend van zijn werk halen, lopen van centrum Den Haag naar Scheveningen.

Op de fiets naar school, vereniging, vriendinnen en opa en oma’s. Door weer en wind met je oranje poncho. Als 6 jarige fietste ik al alleen naar de schooltuintjes op de Mient, en kwam ook veilig weer thuis. Ontelbare lekke banden werden gerepareerd door mijn vader, ontelbare fiets sleutels ben ik verloren.

Ook onze kinderen zijn gewend te fietsen. Stefanie reisde vier jaar lang met openbaar vervoer naar het Grafisch Lyceum in Rotterdam. Een reis van minstens 5 kwartier. Met haar ging ik ook met de trein naar Brussel, om daar een school te bekijken. En als je binnen 2 uur van Leiden naar Brussel kan komen, hoe lang kan het dan duren voor je van Leiden in Winterswijk bent? Nou, dat was een hele reis van ongeveer 3 uur heen en 4 uur terug, door de vertraging.

Na de hartstilstand ging het allemaal nog wat moeilijker. Openbaar vervoer; veel mensen in een krappe ruimte. Hoe kom je op tijd op station, bij de bushalte. Hoeveel vertraging heeft het dit keer. De hele weg bedenken en zorgen maken of ik wel in de juiste trein zit. Bus_in_water Overal zag ik gevaar. In mensen, dingen, onderweg vallende bomen op het spoor. De bus zal vast wel een ongeluk krijgen of wat fietsers doodrijden. En als je dan op het juiste station bent uitgestapt moet je nog naar de plaats van bestemming, door een vreemde stad, over een plein, langs een ziekenhuis.

Trein_ongeluk Gelukkig ben ik gedreven dat ik alles weer moet kunnen, en alles weer moet lukken. Ik kan mezelf discipline opleggen om dingen te doen die ik niet wil, waar ik tegenop zie. Dus stap ik wel in de bus, in de trein, ik ben zelfs in een vliegtuig gestapt het afgelopen jaar. En na deze strenge winter met veel sneeuw en ijs, waar je beter niet doorheen kunt fietsen als je nog wat wankel en onzeker bent, ben ik er redelijk overheen.

Hoe gaat dat dan, met zo’n bus? Nou, ik ben natuurlijk altijd veel te vroeg bij de bushalte, strippenkaart zit standaard in mijn tas, die kan ik niet vergeten. Wel kwijtraken natuurlijk, maar dat is pas 1 keer gebeurd en het was op de terugweg. Ik kon in het station een nieuwe kopen.

Op tijd bij de bushalte. Niemand staat er nog. De twijfel slaat dan gelijk toe: is de bus al geweest? Rijdt hij wel vandaag? Altijd komen er nog meer mensen aanlopen, en dan ben ik weer gerust. Vooral ben ik blij als er ook een bekende bij zit. Soms is de bus laat, maar de meeste keren de afgelopen weken keurig op tijd.

Je hebt buschauffeurs in alle soorten en maten. De meeste mensen lopend in ochtend zwijgen langs de chauffeur, laten hun abonnement zien, of piepen met de ov chip. Ik groet altijd met een Goedemorgen, en laat mijn strippenkaart afstempelen. Meestal is er wel een zitplaats. De bus zit vol met schoolkinderen, die staan niet meer op voor iemand tegenwoordig. Ook heel tactisch zetten sommigen hun grote tas op de zitplaats ernaast om mensen af te schrikken plaats te nemen. Ik vraag dan altijd vriendelijk of ik daar mag zitten. Ik kan niet de hele weg staan, val nog wel eens om in de bocht.

Het liefste zit ik bij het raam, klein in een hoekje. Als ik aan het gangpad zit lopen mensen te dicht langs me heen. Dat vind ik niet prettig, en ook de rugzakken die langs je hoofd scheren vind ik vervelend. ’s morgens wordt er niet veel gezegd in de bus. ’s Middags is dat anders, veel bellende reizigers. De route leidt langs het klooster, over de Lammeschans, door de stad, naar het station. De haltes worden tegenwoordig middels een ingesproken boodschap kenbaar gemaakt. Net als in de metro in Londen. Zo leer je ze makkelijk uit je hoofd.

De buschauffeurs in vele soorten. Mannen, vrouwen, jong, middelbaar, oud. Vrolijk, met een grapje, grommend met geen zin om antwoord te geven op de vragen. De een rijdt stevig door, en komt nog overal te laat. De ander rijdt een rustig tempo en toch op tijd.

Nog_een_volle_bus Van de week een jonge buschauffeur. Met een muts op. Niemand hoefde een kaartje te kopen. Waarom is met niet helemaal duidelijk geworden, maar ik denk dat er iets was met de stroomvoorziening. De klok deed het niet, de ov chip machine ook niet. Waarschijnlijk vond hij dat zo oneerlijk tegenover de strippende klanten, dat hij die ook niet liet betalen. De reacties van de mensen zijn grappig om te zien. Hij wuift met zijn hand en zegt: loop maar door. De een twijfelt, gelooft het niet, zei het dat nou echt? De ander loopt snel door, voordat hij zich kan bedenken. Een ander gaat eerst zitten en gaat dan nog een keer terug met haar portemonnee in de hand. Nee, het hoeft echt niet. Veel mensen trekken een verbaasd gezicht. Een enkeling zegt: bedankt!

Halverwege gaat de klok weer aan en omroepster geeft ook de haltes weer door. Ze loopt alleen een halve rit achter. Als ze Marsman hove omroept als we bij de Lelystraat zijn, roept een bewoner van Swetterhage heel  hard: dat klopt niet hoor.

Een veilig ritje reed hij. Krachtig rijden, maar wel voorzichtig met het inhalen van de fietsers. Als ik langs hem de bus uitloop, wens ik hem een prettige dag verder. Dat doe ik altijd, maar nu meende ik het wel heel echt.

De bus. Ik hoop dat volgende week het weer het fietsen weer toelaat.

Nanne

Zaterdagochtend. Ik heb heerlijk geslapen. Als ik naar buiten kijk is de wereld weer wit. De winterzon schijnt volop. Het dorp ontwaakt langzaam. Wat een mooie winter. Er springt een sprankje vreugde door mijn lijf. Mooi, zo mooi, buiten.

Vreemd ook weer, de wereld ontwaakt, staat op, gaat door. Door met leven.

Gisteravond las ik het bericht dat Nanne is overleden. Ook een weblogger, ook een icd drager. Zijn lichaam was ziek, op. Zijn geest heeft het ook opgegeven. Vorige week nog kreeg ik een mailtje van hem, het zou niet lang meer duren schreef hij. Ik mailde terug, dat dat niet kon, want wij moesten elkaar nog een keer echt ontmoeten. Het heeft niet zo mogen zijn.

Een markant man, ongewoon en toch heel gewoon. Markant qua omvang, en markant qua geest. Die een gewoon ongewoon leven heeft geleid. Die genoot van, wat men noemt, de kleine dingen van het leven. Zijn vrouw, kinderen, kleinkind vooral. Een ritje met de scootmobiel. Een bezoek aan de Makro. Foto’s van Leersum, omstreken en ook van Polen en verder liet hij ons zien.

Hoe kom je in contact met zo iemand. Nou, gewoon, je surft over internet. Op zoek naar, wat weet ik eigenlijk niet eens. Informatie, duidelijkheid, begrip, soortgenoten. En dan kom je op het blog van Nanne. Je leest eens wat, het raakt je. Je blijft nieuwsgierig, je komt er een keer terug. Je laat eens een reactie achter, en hij bij jou. Je mailt af en toe heen en weer. Je raakt geïnteresseerd in zijn dagelijkse beslommeringen, en hij in die van jou. Zo’n blog is net een column uit een tijdschrift.

Ik leef mee met zijn nabestaanden. Ik weet hoe het is om je vader te verliezen als je zelf net kinderen hebt. In alle jaren daarna mis je je papa enorm bij alle gebeurtenissen, groot en klein, die je met je gezin meemaakt. Ik denk dat Nanne wel herdacht wordt door zijn familie en vrienden. Hij zit in hun hart. Ze zullen over hem praten, huilen, lachen, hem herinneren. Dat gebeurde bij ons te weinig. Ik weet, het ligt ook aan onszelf. Maar als je het erover wilt hebben, en je moeder doet dat verdriet, wil dat duidelijk niet, dan sluit je je verdriet op. Je sluit je herinneringen op. Je doet de kast op slot en bewaart de sleutel op een geheime plek. Dat blijft niet goed gaan. Altijd komt er een moment in je leven dat die kast te klein is, het slot te oud en versleten. Dan barst de boel uit elkaar en komt al dat verdriet eruit.

In andere culturen doen ze dat nog niet zo gek. Een periode van rouw doormaken, waarin je moet schreeuwen, huilen, lachen, zingen. Zo zijn wij niet opgevoed, wij leerden dat je verdriet moet verbergen. Sterk moet zijn voor anderen. Vervolgens wordt de mate waarin je verdriet hebt toch afgemeten aan de tranen die je laat vloeien. Het delen van verdriet is juist goed. Niet voor niets is het gedeelde smart is halve smart.

Ik weet zeker dat Nanne voortleeft in de harten van zijn geliefden en vrienden. Hij blijft ook in mijn hart, mijn gedachten.

(Bron: Bram Vermeulen)

En als ik doodga treur maar niet. Ik ben niet echt weg, moet je weten

Het is de heimwee die ik achterliet. Dood ben ik pas, als jij dat bent vergeten.

En als ik doodga, huil maar niet. Ik ben niet echt dood moet je weten. 't Is het verlangen dat ik achterliet.

Dood ben ik pas, als jij dat bent vergeten.

En als ik doodga, huil maar niet.

Ik ben niet echt dood moet je weten. 't Is maar een lichaam dat ik achterliet. Dood ben ik pas, als jij me bent vergeten.

Dood ben ik pas, als jij me bent vergeten

Prettig weekend!

Weekend_poes

Dat roept iedereen elkaar toe als de laatste werkdag van de week is aangebroken.

Weekend. Is dat nou het einde van een de voorgaande week of het begin van de komende? En wat is dan een prettig weekend? Een waarin je uitrust van de voorgaande week en je fysiek en mentaal voorbereid op de komende? Of een waarin je feesten afloopt, je huis doorwerkt, allerlei zaken regelt? Is het een 2daagse vakantie of een werkvakantie thuis? En wat is dan een weekend in je vakantie? Zijn dat vakantiedagen of gewoon weekend dagen? Wat dan als je in de onregelmatige diensten werkt? Dan werk je in je weekend, heb je dan weekend door de weeks?

Prettig weekend. Dat begint op zaterdagochtend. Ik sla de vrijdagavond voor het gemak maar over, die was niet super. Fred had vrijdagmiddag, toen ik lekker in mijn bed lag te knorren, de boodschappen gedaan. Zaterdag geen noodzaak om de deur uit te gaan. Stefanie was naar school. Ja, ze studeert weer, fotografie in deeltijd, aan de fotovakschool in Amsterdam. Ze jaagt haar grote droom na, vakfotograaf worden. Wij bleven saampjes thuis. Mooie gelegenheid om de laatste dingen uit de rommelkamer door onze handen te laten gaan en te besluiten: houden we dit of gooien we het weg. De grijze bak zit behoorlijk vol, en de papierdozen zijn gevuld met oude verslagen, lege enveloppen, verpakkingen van telefoons die we al lang niet meer hebben en andere elektronica. Je bewaart een tijdje de dozen, voor als er iets is. En als je dan 2 jaar daar niet naar omkijkt, is het een hele berg. Er zijn lege plekken op het rek in de berging die vullen zich vanzelf wel weer. alle snoertjes, stekkertjes, draadjes, die bij de computers horen liggen nu netjes in een mandje. Bij de BBQ kunnen we weer makkelijk bij. Alle dozen voorzien van etiketten met wat er in zit.

De spullen die we voor de rommelmarkt bestemd hebben staan er nog wel. Dat geeft weer ruimte op de voorkamer, voor de dozen met keukenspullen. We hebben er al vijf gevuld, met glazen, soepkommen, kookboeken, bekers, die we alleen met verjaardagen en visite gebruiken.

Stefanie belde toen ze op de fiets van het station naar huis ging. Mam, de pizza kan in de oven. Ze ging Saafs naar de Vrienden van Amstel, met een groep vrienden uit Zoeterwoude. Haar zus ging er ook heen, met een groep vrienden uit Hazerswoude. Ze hebben elkaar daar gevonden en het was een superavond. Wij bleven thuis en keken tv, en surften over internet.

Winterefteling Zondag gingen de meiden naar de winterefteling. Mijn zwager nummer 3 bracht zijn kinderen al vroeg bij ons. Het was neven en nichtendag, met aanhang. Ik denk dat Melinda er een half jaar mee bezig is geweest. Wat gaan we doen, welke datum, er kan altijd wel iemand niet. Het moet leuk zijn voor alle leeftijden, de oudste is bijna 30, de jongste bijna 11. En hoe krijg je iedereen daar in Kaatsheuvel? Die kan met die meerijden, die met die. Het ging nog bijna mis omdat iemand afzegde, maar het is allemaal goed gekomen. Een echte winterefteling met sneeuw en vrieskou. Om 9 uur waren ze thuis, koud maar voldaan. Zus nummer 3 kwam haar zoon en dochter weer ophalen.

Prettig weekend. Van Daele: week·ein·de het; o -n, -s, week·end [wiekent] het; o -s, -en periode van vrijdagavond tot maandagmorgen. Pret·tig bn, bw plezierig, aangenaam

Een aangenaam einde van een licht moeizame week.

Een ochtendje mondhygiëne

Mondhygienist

Dat was vrijdag. Ik moet er nog van bijkomen.

Vorige week was de halfjaarlijkse tandarts controle. Tandsteen wordt bij mij met de hand verwijderd. Wordt aangeraden bij icd dragers en mijn tandarts neemt geen risico’s. Heel fideel, want ik wil ook geen storing, en dan 36 joule door mijn lijf. De voorgaande keren deed ze dit zelf. Nadat haar man onverwacht overleed, van het najaar, wordt de praktijk door haar voortgezet. Het was zijn droom en leven. Ik vind het dapper en mooi dat zij de moed en kracht vindt om dit levenswerk voort te zetten.

Dat kan ze niet alleen. Voor het betere trekwerk is een collega ingeschakeld. Voor de controles en tandsteenverwijdering, en misschien nog wat kleine dingen, is hun dochter nu ook in de praktijk werkzaam. Zij is mondhygiëniste. Ik ging voor de tandsteen behandeling dan ook naar haar.

Spannend, toch wel, een nieuw gezicht blijft voor mij heel lastig. Ik neem me voor niet nerveus te zijn. En toch, en toch, de spanning loopt al snel uit de hand als ik moet wachten. Na een ferme handdruk en een vriendelijke glimlach nam ik plaats op de stoel. Gelukkig zag ik ook veel bekends in haar gezicht en bewegingen. Een mengelmoes van haar pap en mam. En dan zakt de spanning wel iets bij mij.

Eerst een controle op mijn tandvlees. Dat is hier en daar ontstoken, dat wist ik al. Veel poetsen, ragen en flossen, helpt niet helemaal. Het komt door de medicijnen, leeftijd, erfelijk belast misschien. Dan het verwijderen van het steen. Alle soorten haakjes die ze had werden gebruikt. Het ging allemaal heel rustig en beheerst. Ondertussen nog een praatje met mij. Ze vroeg iets over de pacemaker. Nee, ik heb geen pacemaker, maar een icd. In het kort legde ik uit wat het verschil is. Hij is ook veel groter, kijk maar. Ze wilde ook even voelen, en dat mocht van mij. IJs gebroken en volgende keer ga ik weer naar haar.

Met helemaal mooie gladde tanden, goed gepolijst ga ik na een uur een kamer verder, nog even naar de “echte” tandarts. Die repareert mijn voortand, daar was een stukje afgebroken.

Het advies is elektrisch poetsen, ragen met andere ragers en over drie maanden nog een keertje terug komen.

Afgedraaid kom ik thuis en ’s middags slaap ik ruim 2 uur. Dat had ik dan toch even nodig.

Weekend, werken en een echte herinnering

Het weekend was leuk, maar druk. Zaterdag heb ik me door Steef laten overhalen naar de stad te gaan. Met de bus. Ze is een jurkje aan het maken, en dat lukt allemaal heel goed. Er moesten nog knoopjes komen en andere dingen. Ga mee, mam, dan halen voor jou ook een leuk stofje. Nee, misschien, toch maar wel. En het was gezellig. Eerst op stoffenjacht, en geslaagd. Toen toch nog even de winkelstraat in, voor een broeklegging voor mij. Nog een jurk gescoord voor 5 euro. En toen was het tijd voor een broodje en een sapje. Bij D en V, zoals ze vroeger al zeiden, de meiden. Ultiem uitje op zaterdag, naar de markt en daarna een saucijzenbroodje en fristi bij D en V.

Zondag waren we uitgenodigd voor een etentje bij Lieke. Die is weer een poosje thuis, bij mama Elly en zus Sanne. Ze heeft de boot even verruild voor de vaste wal. Er waren ook nog 2 nichtjes en een neefje. Gezellig kletsen, wat drinken, wat knabbelen, en daarna de kookkunsten van Sanne proeven. Heerlijk was het. Pasta met tomatensaus en garnalen en een salade van tomaten, basilicum, rauwe ham en mozzarella. Koffie en nog meer praten toe. Lekker bijgekletst en vooral ook veel gelachen.

Op werk is het druk. De herkansingen moeten erin, er komen diplomeringen aan. Er moet nog wat geregeld worden zodat we ook getuigschriften kunnen printen. Maandag een overleg met de contactpersoon van Kunstzinnige therapie. Dinsdag was een kletsdag. Eerst naar de bedrijfsarts, toen een overleg met de contactpersoon van Verpleegkunde, een overleg met de meneer die het proces Osiris beschrijft, en daarna een coachingsgesprek. De een na laatste alweer. Ik moet nadenken of ik verlenging wil aanvragen of niet. De gesprekken zijn prettig, ik kan mijn ei kwijt en krijg meer zelfvertrouwen. Ik denk er nog over.

Afgedraaid kom ik thuis. Fred kookt een lekkere ovenschotel. Gaan we wel of niet naar het koor vanavond. Stefanie geeft ons op ons kop. Ik moest ook altijd naar de verenigingen van jullie, ook al had ik geen zin. Ja, zegt Fred, maar toen betaalde ik jouw contributie. Ze heeft wel een punt: als je lid bent van een vereniging ben je ook verplicht te gaan. We gaan. Voor de volgende viering staan wat moeilijkere en al enige tijd niet gezongen liederen op het programma. Dat is toch wel weer heel leuk. Ik blijf tot de pauze, want ik val echt om. Thuis nog een drankje en naar bed.

Vandaag ging ik op de fiets. Ik ben de bus zo zat, vooral terug moet ik meestal lang wachten. Vandaag toch wel een hoop gedaan. Nog een gesprek met HRM en mijn leidinggevende. Over wat er allemaal opgestuurd moet worden voor de WIA. Ook al wordt de uitkering niet toegekend, en word ik niet afgekeurd, je moet het toch allemaal invullen en opsturen. Braaf als ik ben, ga ik dat ook op tijd doen.

Een echte herinnering staat hierboven aan. Wat er dan gebeurde? Tijdens de lunchpauze vertelde een collega iets. Over iemand op leeftijd die nu een relatie heeft met zijn nicht. En dat haar kinderen dat helemaal raar vinden. Dat ze ze daarmee plaagt: vind je je nichtje niet iets? Brr, mama, ik moet er niet aan denken. In onze familie speelde dat ook. Daar is het dan nog mogelijk, omdat een paar jongens geadopteerd zijn. Een nichtje riep jaren dat ze met haar neef ging trouwen. Al onze kinderen moeten er nu niet aan denken. Het is toch je neef of nicht, gadver. Zo aan het vertellen kwam ik op de bruiloft van Melinda en Ronald. Dat 2 neven daar ook de hele dag bij waren en tijdens het diner een toespraak gingen houden. Hun kleine nichtje dat ging trouwen. Ineens drong het tot me door. Ik had een echte herinnering. Niet op gang gebracht door iemand die zei, weet je nog wel, dat en dat, ja joh dat weet je toch nog wel. Ondertussen hebben zij het me verteld en heb ik een aangeleerde herinnering. Nee, deze was echt helemaal van mij. Het voelde heel raar, vreemd. Het kwam vanzelf in mijn hoofd op. Het gaf me een heel bijzonder gevoel, dat ik niet kan uitleggen. Maar het maakt me blij.

Een goede week

Dat was het wel. Gewoon weer aan het werk maandag. Even wennen, de wekker ging al vroeg. Fred had vroege dienst, Stefanie ook op tijd weg. En ik ook. Met de bus. Verboden te fietsen voor jou, zei Fred. Ik slinger nog wel eens en al die blubber, dat maakt me onzeker. Ik zit niet te wachten op een valpartij nu ik bijna 100% beter gemeld kan worden. De bus was op tijd, reed lekker door en de 10 minuten wandeling naar de Hogeschool door de vrieskou doet me goed.

Iedereen de beste wensen! Dat mag dan nog deze week, hoewel sommige collega’s die geen vakantie hebben gehad, vinden dat ik te laat ben. Kijken wat er allemaal ligt voor me. Ik verwachtte veel resultaat formulieren, maar dat valt tegen. Waarschijnlijk hebben de docenten van het cluster zorg het te druk gehad met de verhuizing van het pathologie gebouw naar de nieuwbouw. Na deze week hoop ik echt dat ze resultaten van periode 1 invoeren in het nieuwe systeem. Dan kunnen we ons bezig gaan houden met het inschrijven van de studenten voor de herkansingen.

Ik overleg met collega’s, hoe doe jij dit, hoe doe jij dat. De sfeer van toen, voordat ik ziek werd, komt weer terug. Collegiaal, met elkaar, als team. Natuurlijk zijn er wel eens wat strubbelingen, verschillende werkwijzen, discussie over het waarom van administreren. Als het proces studievoortgang binnenkort Collegiaal helemaal goed is beschreven, zullen een hoop vragen of hoe, wie, wat en wanneer opgelost zijn. We roeien nog even met de riemen die we hebben, helaas is de sloot hier en daar wat bevroren. Dan gooien we de ijsbreker, onze manager, in de strijd.

Half vier ga ik naar huis. Doordat ik met de bus ben, stap ik pas om half 5 ons huisje binnen. Even uitpuffen, koken, en dan ’s avonds wel sporten. Dat gaat prima, ook het autorijden er naar toe zonder slippartijen.

Dinsdag en woensdag ook weer zo’n gewone werkdag. De tijd gaat snel voorbij, een dipje na de lunch en dan constateer aan het einde van de dag dat ik toch heel wat gedaan heb. Een collega is nog ziek en de leidinggevende, chef, doet mij een voorstel. Het hele cluster zorg onder mijn hoede, met haar als maatje. Samen dit cluster tot een goed einde en in het nieuwe studiejaar ook een goed begin brengen. Zij heeft nu 2 jaar ervaring met het inschrijfproces en ik heb mijn ervaring met studievoortgang en diplomeringen. Ik zie dat wel zitten. Ik zal de collega begeleiden en de leidinggevende zal bewaken wat ons beider valkuil is. Teveel naar ons toetrekken

Ik ga niet naar het koor dinsdagavond. Drie avonden achter elkaar weg lijkt me niet slim. Ik moet toch weer wennen aan het werkritme en ga het niet gelijk overdrijven. Ik voel me deze week heel goed. Of het aan de medicijnen ligt of toeval is, dat zal de tijd me leren. Ik heb me sinds anderhalf jaar niet zo goed gevoeld. In mijn hoofd is het rustig, ik slaap niet langer maar wel dieper. Minder angst voor onbekende en onverwachte dingen. Lijkt op de goede weg dus.

Woensdagmiddag even een uurtje naar de verjaardag van de zang Inekes. Het hele span is compleet, en het is erg gezellig. Al dat gekakel door elkaar, en toch ook met elkaar. Er wordt gebrainstormd over een afscheid van de dirigent. Hij gaat na 10 jaar het koor verlaten. Er wordt een opzetje gemaakt met een lied en een alfabet.

Saafs ga ik zwemmen, in het prachtige nieuwe sterrenbad in Wassenaar. Parkeren voor de deur, een prachtige hal met het oude meubilair. De prijs 20 cent omhoog en een echt toegangspoortje. De lockers zo ruim dat het ons met zijn tweeën lukt om het te vullen, dat scheelt iemand 50 cent. Want helaas krijg je die niet meer terug. De doucheruimte is koud, de douche warm, geen handdoekhaakjes, maar wel de fijne zwemjuf en een prachtig bad. De training is pittig, vooral na 3 weken zwemrust. Afgedraaid kleden we ons weer aan. Ik ben de snelste. Heb je alleen maar ritsen en geen knopen, roept vriend Fred. Nee, ik ben gewoon een stuk sneller klaar sinds ik geen kuisheidsgordel meer hoef te dragen, antwoord ik. De föhn voor Agnes is ook nog gevonden. En o, hilarisch die kun je in hoogte verstellen. Dus ook voor een smurf als ik is het mogelijk de haartjes droog te blazen. Na een kop thee en even bijkletsen gaan we toch niet al te laat naar huis.

Tandartsleuker_lachvandedagnl Donderdag vrij. Fred ook. En we houden nog een beetje winterslaap. Lekker laat op, rustig aan, en dan toch met zijn 2en even heel hard het huis doorwerken. Naar de fysio op de fiets, waarna ik besluit om vrijdag toch ook nog een keer met de bus te gaan. Ik voel me niet zeker in de blubber op straat. Ook een controle bezoek bij de tandarts. Daar heb ik een moeilijk moment, haar man is van het najaar overleden aan een hartstilstand. Zeg je dan nog iets? Kan ik haar aankijken? Wat zou ze denken als ze mij ziet? Ik heb het overleefd, hij niet. We zeggen er allemaal niks over. Misschien beter zo, het is allemaal al moeilijk genoeg voor hen. Heel knap om de praktijk zo voort te zetten, uit naam van hem. Even terug komen volgende week voor een tandsteenbehandeling met de hand en een stukje voortand laten repareren. Op de terugweg nemen de buuf mee, Fred geeft haar een stevige arm. Ze heeft net een kies moeten laten trekken en is een beetje bibberig.

Vandaag nog een werkdag. Ik voel het deze goede, maar vermoeiende week. Ben niet al te vrolijk. Kleine aanvaring met een collega, maar wel weer een gezellige lunch met de anderen. De collega van het ouderen uitzendbureau verwent ons weer met zelfgebakken koekjes. Het archief schiet al aardig op, ik heb alle klusjes af voor deze week.

Nog een heel goed bericht gisteren: Stefanie heeft een jaarcontract, een dikke pluim, en opslag. Dat is een zorg minder.

Het weekend staat voor de deur. Hoe ik dan binnen gekomen ben? Door de achterdeur. Fred heeft late dienst. Zondag gaan we eten bij Lieke, die weer even het schip verlaten heeft om thuis haar zus en Tiramisu moeder te verblijden, en te pesten. Wordt vast heel gezellig. Wij zorgen voor het toetje: Tiramisu!

het kind van Toulouse

Een paar jaar geleden bleek onze Toulouse al zwanger toen we haar wilden laten steriliseren. Vier katjes kreeg ze. 2 rode katers, en 2 bonte poesjes. De katers waren lief en echte rode katers. De poesjes pittig en ondernemend. Een van de poezen is naar vrienden van ons gegaan. Tycha heet ze. En ze heeft humor.

Tycha

Mijn laatste vakantie dag

Vakantie_voorbij

Vandaag, want het weekend tel ik niet mee. Dat is vast wel gevuld met gewone dagelijkse dingen.

Ik heb het er lekker van genomen deze week. Beetje later op, uitgebreid ontbijt. Tv kijken, eerst een kop koffie koffie voor ik ga douchen. Dan beetje aan rommelen, en deze week stond vooral in het teken van opruimen. En weggooien, goede tip van Nanne.

Maar eerst ging ik maandagavond al glibberend en glijdend naar Ons Huis, waar Cantate de repetitie heeft. Daar aangekomen bleek dat ze pas volgende week gaan beginnen, de dirigent was nog in Engeland. Dus weer naar huis en daar maar een roseetje genomen. De meiden houden het tegoed van me.

Dinsdag zouden we naar Ermelo, naar mams en haar Gijs. Helaas was het zo’n chaos op de weg dat zelfs mijn Fred het niet aandurfde. Om half 10 stond er 20 km file op de weg naar Utrecht. We hebben het dan ook maar afgebeld. Ze houden het tegoed van ons.

Omdat we wel op tijd waren op gestaan hadden we een onverwachte lange dag voor de boeg. Die hebben we nuttig besteed aan Opruimen. Met een hoofdletter. Fred stortte zich op het bureau beneden en ik op het bureau boven. Een halve meter administratie had ik na anderhalf uur in de ordners, hopelijk de goede. Hierdoor konden de naaimachines weer op het bureau staan en kon ik de vloer weer een beetje zien. Nog wat stapelen met kratten en een ander in de kliko gestort. Deze kamer begint al weer wat ruimer te lijken.

De andere dagen heb ik me op het kleine kamertje gestort. Ook daar was de vloer niet meer te zien. Alle jaargangen van Ariadne en Knip gaan eruit. Al jaren niet meer in gekeken. Oude rugzakken, tassen en wat nog meer in de kliko. Een paar dingen bewaar ik voor de rommelmarkt. Het is nog lang niet klaar daar, maar het begin is er. Een paar schatten vind je dan toch tussen al die troep. Een schilderij wat van mijn vader is geweest en waar mijn moeder een enorme hekel aan had. Een antiek ini mini weegschaaltje. Een plastic tas vol foto’s van Fred zijn familie, briefjes van zijn zus uit Italië. Ik denk dat het van zijn moeder is geweest. Daar ga ik Henny blij mee maken of ik maak er een album van.

3 films heb ik deze week gekeken. Ik ben begonnen in het derde deel van de Millennium Trilogie. Ik heb teveel gesnoept, niet gesport. Volgende week ga ik weer netjes leven. Vandaag kwam de keukenmeter meneer. Een hele aardige man, die hem ook gaat plaatsen. Nerveus word ik al bij het idee, maar volgens hem komt het allemaal prima in orde. We krijgen nog een leidingplan, en Fred heeft al wat dingen overlegd met hem. Tegels eraf of niet, vloer eruit of niet. Technische mannen praat. Bemoei ik me niet mee.

Nog een onverwachte schat: dinsdagavond kwam de overbuurvrouw een boekje brengen.Liefde_is_gezond  Het heet: Liefde is gezond. Ze had het gekocht en bij het lezen ervan dacht ze aan mij. En mag ik het lenen. Zo een onverwacht lief gebaar van iemand die je niet eens zo heel goed kent. Dat is veel waard.

Vierde dag in het nieuwe jaar

Alweer, gaat snel. Voor je het weet is er weer een jaar voorbij.

Tja, wat doe je dan die eerste dagen van het jaar. Ik hou mijn dagboek niet meer bij, dus ik zou het niet weten. Vrijdag waarschijnlijk uitgerust, gewandeld, gekookt. Nog een oliebolletje gegeten. Zaterdag? De dvd van Harrie Potter die ik dubbel had geruild. Voor? De da Vinci code, geloof ik. Nee, het is het Bernini mysterie en de verfilming van het boek Mannen die vrouwen haten van Stieg Larsson.

Van het weekend kwam er voor de rest ook niet veel uit mijn handen. De wasmachine en droger draaiden wel volop, maar die doen dat zelf. Gisteren wel de kerstboom afgetuigd, 6 ballen gebroken, maar daardoor past alles wel in 2 dozen. Alleen de lichtjes in de vensterbank staan er nog en de kerststal. Die mag pas weg op 6 januari als de Koningen zijn geweest.

Vanochtend telefonisch consult met de psychiater. Ik heb weinig bijwerkingen. Na vele doemverhalen over de verschrikkelijkheid daarvan, valt me dat enorm mee. Beetje droge mond, beetje droge ogen, beetje misselijk, beetje duizelig. In de loop van de weken zullen die wel verdwijnen. Van de cholesterolverlager en de metropolol had ik meer bijwerkingen. Nog even doorbijten en dan zullen ook de nachtmerries verdwijnen, zoals ik ze van het weekend weer hevig had. Steeds wakker en dan hoor ik van alles. Kraken, voetstappen beneden, (dat was overigens Fred die zijn telefoon vergeten was) Ik hoor mensen lopen over het platte dak van de aanbouw (waarschijnlijk de katten) en ik zie schimmen in de slaapkamer (reflectie van de plant in de spiegel). Allemaal niks engs, behalve als het donker is, stil, en Fred nachtdienst heeft.

Het weblog wereldje is vrij stil. Iedereen is druk met uitbuiken en bijkomen. GijsS werd opgenomen in het ziekenhuis, en Nanne moest er ook weer even heen. Hij mocht wel dezelfde dag naar huis. GijsS moet nog even blijven, maar maakt wel steeds een leuk ziekenhuis logje. Rob moest naar de huisartsenpost met een blauw oog, geslagen door een kleuter.

Net als GijsS hou ik van numbers. Ik ken bij vele studentnummers de naam. Ken mijn eigen IP adres. Herken op de statistiekenteller de IP adressen van de vaste bezoekers. Kijk ook vaak waar bezoekers vandaan komen. Geografisch gezien. Overal vandaan, Amerika, Duitsland, Polen, Hongarije, Nederlandse Antillen, Italië, België, Engeland. Ik vind dat interessant om te zien. Soms heb ik 30 bezoekers en soms 70. Dat maakt me niet uit, ik schrijf voornamelijk voor mezelf. Hoewel ik de reacties die ik krijg wel heel fijn vind.

Ik ga het lot niet tarten en blijf thuis vanavond. Het is hier bagger namelijk. Vanmiddag hevige sneeuwbuien en nu regent het af en toe. Iedereen glibbert door de straat. Fred en de buurman hebben wel snel een paadje geveegd, en we hebben gepekeld. Hopelijk gaat er niemand onderuit voor onze deur.

Morgen staat een bezoekje aan mijn moeder en haar Gijs op de agenda. Daar zijn we al heel lang niet geweest. Het is anderhalf uur rijden, dus meestal maken we er een dagje van. Lunchen bij hen, nog even de winkelstraat in en dan na de thee weer naar huis.

Misschien ga ik zo nog even een drankje drinken met mijn vriendinnen. Na de repetitie moeten de kelen altijd gesmeerd worden. Even Nieuwjaar wensen, een goed voornemen was immers mijn sociale contacten meer onderhouden.

Laatste reacties

  • Ilse Pfff heb nog niet veel kunne
  • anja lieve caroline, zo als jij j
  • Louke Mooi gesproken Caroline. Ik
  • Jannie Caroline, bedankt voor de mo
  • Tineke mooi blog caroline, sommige
  • Annette Ik zag je op de ICD Hyves. J
  • CorryR Zojuist je vorige log geleze

Translate

februari 2010

ma di wo do vr za zo
1 2 3 4 5 6 7
8 9 10 11 12 13 14
15 16 17 18 19 20 21
22 23 24 25 26 27 28